Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



scheen te willen binden, ging hij toch haastig met haar heen, door den achteruitgang. Dezen keer had hij ook geen geduld voor het gebruikelijk napraatje, in het koffiehuis; ze reden regelrecht naar het hotel.

, Behalve in de auto waren ze den geheelen dag nog niet alleen met elkaar geweest. Het brandde, schroeide in hem, eindelijk uit haar omhelzingen te ervaren, te leeren, wat toch dat vreemde in haar kon zijn, dat hem zoo opeens had doen veranderen. Nu, bij den eersten keer dat hij sprak, in haar tegenwoordigheid, had hij reeds ondervonden, dat hem uit haar een kracht tegemoet toestraalde, die hem sterkte op ongekende wijze. Ook Mea’s bijzijn had hem altijd geïnspireerd, zich boven elk anderen spreker te verheffen, maar haar invloed was koud geweest, indien hij hem vergeleek met den gloed, die hem door Elsie’s aanwezigheid had verwarmd. Hij had een gewaarwording ondergaan, of de schittering in haar oogen tot diep in hem doordrong, om zijn vaardigheid te prikkien; of haar verlangen naar hem vervloeide in zijn begeerte naar haar. Dit moest het zijn, wat hem dien avond het genie schonk, overtuigend en begeesterend als ooit te praten, zonder dat hij noodig had te denken; hij had slechts hoeven te herhalen wat geheimzinnige stemmen hem influisterden, slechts de woorden te uiten, die door een ondefiniëerbare macht naar zijn tong werden gevoerd.

Onder den rit laaide al heviger de begeerte in hem op, haar te zien, haar bij zich te weten, zooals zijn nachtelijk visioen haar voor zijn geestesoogen had doen verschijnen; haar louter, onbedekt wezen in de schoonheid van zijn blanke heerlijkheid.

Schroomvallig, weer de provincie jongen, die de vrouwen in zijn omgeving nooit anders dan als anders-gekleede mannen had gezien en de grillige bekoorlijkheid nooit had ondergaan, de bekoorlijke grilligheid nooit had aanbeden van de vrouw die énkel vrouw was, nam hij haar in de armen en tastte naar haar jurk. Plagend sprong ze weg, ontvlood hem en barrikadeerde zich, snel en bevallig, achter een paar stoelen. Een dreigende schittering in haar, zijn begeerte aanvurende, blauwe oogen, hield hem op een afstand, bevend van verwachting. Dan, schopte ze haar kleeren van zich af, sprong hem tegemoet, als dien ochtend, doch nu, naakt en blank, begeerlijk en begeerend.

— Hiér ben ik, zei ze, uittartend. Wat moét je nu van me?

Hij antwoordde niets, hief haar slechts in zijn machtige armen op en droeg haar weg. Al hooger steeg de passie in hem, tot het punt van zelfvertering, tot die hoogte, dat de man een muur zoo doordringen, om de begeerde vrouw te naderen en te omvatten.

Gertrud verweerde zich niet, zuchtte, steunde slechts, van geluks-bereiking en genotsnadering. En, hem in haar blanke armen klemmend tot de innigste omhelzing, bood ze hem haar mond, haar gansche wezen en nam ze hem geheel, zijn persoon, zijn kracht, zijn wil. . . .

357

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.