— Als je dat als zoo’n buitengewoon geluk beschouwt, moest je haar maar hier laten, schertste ze.
— Hier, bij mij? Dank je hartelijk. Men kan ook te veel van het goede krijgen. Als ze het in d’r kop krijgt, maakt ze hèm koning, maar van mij zou ze een bedelaar maken, als ik haar hield. Nee schat, ik heb mijn gezondheid en mijn geld te lief. Als ik nog eens op een voordeelige manier van Carla afkom, trouwen wij tweetjes. Maar, reken er nog niet al te vast. op. Zou je Gertrud er niet eens uit halen?
De telefoon ringelde. Jo luisterde.
— Bouwer vraagt naar Elsie, zei ze, met de hand op den hoorn.
Kaufmann grijnsde.
— Ik zal haar even voorbereiden. Hou hem nog een minuutje aan de praat en schakel dan de slaapkamer in. Het stedelijk minnespel gaat een aanvang nemen, riep hij haar spottend toe.
Een korte poos daarna zat Gertrud aan haar ontbijt. Jo was aan haar bezigheden gegaan. Nog steeds etend vertelde Kaufmann het meisje, dat hij Branders een telegram had gezonden, om het voor goed uit te maken.
— Hij kan me nu toch zeker niet laten terug halen, wel? vroeg ze, ongerust.
— En éérst was je er bang voor, dat hij je wèg zou jagen, antwoordde hij, met rochelenden lach. Nu, als hij bemerkt dat Bouwer je vriend is, zal hij het wel nalaten, zich met je te bemoeien. Hij weet óók wel, hoe sterk die vriend is.
— Ja, sterk is hij, zei het meisje, bewonderend. Is hij rijk? Heeft hij véél geld?
— Véél? Hoe méér jij noodig hebt, des te meer moet hij maar zien los te krijgen. Je weet immers wel, dat een koning alles krijgt wat hij wil.
— Nu begin je al wéér met dien onzin, pruilde ze.
— Het is heusch geen onzin, antwoordde Kaufmann ernstig. Bouwer heeft zeer groote plannen en als hij die weet door te zetten, wordt hij de eerste man van het land. Heb je nog nooit van Mussolini gehoord? Is die nu niet nèt zooveel als een koning?
Gertrud hijgde van verwachting.
— Ja, als hij zooiets wordt, dan wèl, gaf ze toe. Maar dan wil ie misschien niets meer van mij weten. Dan kan hij zoo véél mooie vrouwen krijgen. Iédere vrouw wil wel zoo’n mooien, sterken man hebben.
— Als hij je loopen laat voor een andere vrouw, ben je hem ook niet waard. Een Berliner Madel weet toch zeker wel, hoe ze een man moet vasthouden. En ik durf te wedden, dat hij nog nooit met een échte, temperamentvolle vrouw te doen heeft gehad. Laat hem den éénen keer naar je liefde smachten en verbluf hem een ander keer weer met zoo’n pervers genot, dat hij niet meer buiten je kan, dat hij je nooit
3 J4