Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



neer en zette er flesschen en glazen op. Bij Kaufmann bedienden de gasten altijd zichzelf en zoo royaal als ze wilden.

—    Aanstonds komt er thee, zei ze.

Kaufmann wenkte haar.

Was er iets? O, Ger. . . .

—    Ssst! Vanavond heet ze Elsie, vooral niet vergeten. Straks zeg ik je wel ,waarom.

Ze knikte, alsof een naamsverandering de gewoonste zaak was. Bij en van Kaufmann verwonderde haar sinds lang niets meer.

—    De jurk staat haar prachtig, fluisterde ze.

—    Wat sta je toch te mompelen! riep Ten Brakel, ontevreden en kwam dichterbij. Als er bakken worden verteld, hoor ik er óók bij.

—    Ik laat thee opdienen, zei Jo, de kamer verlatend.

—    Goed, antwoordde Kaufmann den student, dan zal jij ’m óók hooren. Ik heb een logeetje, dat aanstonds hiér komt, maar je mag haar niet anders aanspreken dan als Elsie.

—    Als het kind zoo heet, waarom zou ik haar dan Jan noemen? vroeg Ten Brakel, verwonderd.

—    Dat is het ’m nou juist; eigenlijk heet ze Gertrud en jij kent haar.

—    Je bedoelt toch niet dat schatje van Branders, waar ik je eens aan heb voorgesteld?

—    Haar juist en niemand anders. Maar buiten ons tweeën hoeft dat vanavond niemand anders te weten. Denk je er aan?

—    Ik mag toch wel naar haar kijken, nietwaar? schertste de ander. Naar wélken naam luistert ze ook weer?

—    Elsie.

—    Ausgezeichnet. En, is het geoorloofd te vragen, wat voor staatsgeheim er achter steekt?

—    Bouwer, de chef van Branders, komt vanavond en dien gaat het niet aan, wie ze is.

—    Aaron Bernard Kaufmann, daar steekt weer één of andere duistere streek achter, zei de jonge man, op dramatischen toon. Enfin, voor zijn vrienden moet men iets over hebben.

De deur ging open; Kaufmann wendde zich er heen. Twee heeren kwamen binnen. De voorste droeg een, reeds witte, snor; niettemin liep hij fier rechtop en blikte jeugdig-opgewekt om zich heen, als om zijn leeftijd te verloochenen. De andere was kennelijk bijna dertig jaar jonger.

—    Bonsoir, bonsoir!

—    Avond, Rozenbloed, groette Kaufmann en trad op beide mannen toe. Bonsoir Moritz.

—    Baron Rozenbloed? vroeg Ten Brakel, verrast. Kaufmann, stel me gauw voor.

—    Ten Brakel, zei Kaufmann, onverschillig.

310

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.