Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



—    Op jou, oliekoek, lekkere fijg, snap je dat geeneens?

—    Moeder, zei Suze, smeekend.

—    Gerrit! joelde de stem opnieuw. Kom je?

Gerrit rukte met driftig gebaar de kamerdeur open.

—    Ja! Ha, die Dries! schreeuwde hij. Is d’r wat loos, maat?

—    Ja, een aardappelskuit omgekieperd. Een haai, link werkie om te losse, niks foor jou.

—    Salie me eens zien. Late se wachte tot ik d’r bij bin.

Hij rukte zijn pet van een spijker en wipte haar op zijn hoofd. Toen stommelde hij de trappen af.

—    Moeder, maak je er toch niet meer boos om, suste Suze. U weet nu eenmaal hoe hij is. Als hij maar eerst weer een baas heeft, dan kan ie weer zooveel sleepen en sjouwen als ie wil. Misschien was die verhuizing maar een grap, anders niet.

—    Een grap was se nèt, antwoordde moeder, bitter. Foor haarlui was ’t een grap, maar mijn lache se d’r om uit. En sijlui komme gemakkelijk en goedkoop op d’r nieuwe woning. Als se ’m nog een beetje méér lijme en smere, gaat ie ook nog schildere en timmere en behange, foor lauw loene; alléén maar om link te sijn.

—    Laat hem gaan. Hij weet zich immers toch geen raad met zijn leegen tijd, trachtte Suze maar moeder te troosten.

—    Geen raad mit se leege tijd, seg je? Weet je watte se gistere-ochend mit ’m hebbe gedaan? Hebbe se ’m meegelokt, naar de school die d’r gebouwd wordt, op de gracht en daar hebbe se ’m sware stukke hardsteen na bofe late sjouwe. Hadde se ’m alléén maar te hoefe segge dat die stukke haarlui te link ware en datte se hèm fast ook te link ware. En wat doch je? Hij liét s’n eige linke en ie hêt se na bofe gesjouwd. Foor noppes. En dat gajes, dat ’r foor staat en d’r foor betaald wordt, liep achter ’m an te schreeuwe, soo se seie om ’m an te moedige dat ie fol sou houe. En maar lache, dat span. Piet Leune timmert d’r en se frou hêt me ferteld, se hebbe d’r eige naar gelache, om je fader, hêt se gesegd. Doch je dat dat foor mijn, as frou sijnde, een lolletje was, dat te hoore?

Suze zweeg, knikte maar. Ze meende dat ze haar vader beter begreep dan moeder deed. Vader had zijn eerzucht, zooals bijna ieder mensch, en zijn eerzucht was „link” te zijn. Dat anderen daar nu misbruik van maakten, terwille van een grap of om van hem te profitee-ren, zag hij niet in, öf, het liet hem koud. Hij voor zich geloofde stellig dat zijn buurtgenooten hem voor een sterken, uitgeslapen kerel hielden en daar voelde hij zich gelukkig in.

—    Heb je idee, mee naar kantoor te gaan, Gert? vroeg ze.

Gertrud schudde weifelend het hoofd. Ze voelde zich moe en had

eigenlijk na-spijt, om haar uitstapje. Ze had nu behoefte alleen te zijn.

—    Nee, vanmiddag, misschien, antwoordde ze. Ik help tante Jans,

220

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.