zelfs nooit in dienst geweest. Al was hij nu maar sergeant geweest, dan was dat al een mooie aanbeveling. Maar schrijver....
— Dus U oordeelt óók, afwijzend?
— Absoluut. Het heele Stadhuis zit vol schrijvers. Als we die eens allemaal subsidie gingen geven? Malligheid, laat ie maar probeeren te timmeren. Als hij wéér het hart heeft op het Stadhuis te komen, laat ik hem er door den portier uitsmijten. Dan kan dat hart van hem meteen de proef afleggen, of het nu zoo zwak is, of niet.
— Ik ben werkelijk blij, eindelijk eens iemand gevonden te hebben waar ik ernstig mee kan praten over de belangen van het Proletariaat, zonder dat het persoonlijk belang direct op den voorgrond wordt gesteld, zei Kaufmann, toen ze al een uur aan het babbelen waren. Als U het permitteert, breng ik U met Uw aanstaande straks in mijn wagen naar huis. Uw verloofde maakt op mij den indruk, buitengewoon intelligent te zijn. Mevrouw Sauerman zal er ongetwijfeld hoogen prijs op stellen, met haar nader kennis te maken.
202