besloten niet zitten te gaan, voor hem dat uitdrukkelijk vergund werd. Het drong tot hem door, dat men hun minder belangstelling betoonde dan ze als gasten verwachten mochten en nu vreesde hij onbescheiden-vroeg te zijn gekomen.
Elly stootte mevrouw Breebaart zachtjes aan.
— Heeft diè slungel nu de oneenigheid veroorzaakt, tusschen Breebaart en Sauerman? vroeg ze verwonderd. Je zou zeggen dat Dolly hem nog met de zuigflesch voedt.
Mevrouw Breebaart krulde de lippen, om héél haar minachting te uiten van sensueel-sterke vrouw voor een verwijfd man. Liefkoozend streelde ze langs Carla’s chique casaque van bontgekleurde Libertyzijde en nam twee harer vingers in haar hand. Dat scheen de jonge vrouw op te vatten als een uitnoodiging, te vertellen wat Kaufmann haar, in een hunner zeldzame oogenblikken van vertrouwelijkheid, had meegedeeld, aangaande den hoofdredacteur Sauerman.
Hoè de oneenigheid tusschen de oude vrienden Breebaart en Sauerman ontstaan was, wist vrijwel ieder, in de Partij. Niemand in de gan-sche Arbeidersbeweging had nog óóit gehoord van Kobus van der Voorde, toen zijn benoeming tot onderredacteur, in het Dagblad, werd vermeld. Niemand kende hem, als partijlid, mensch of journalist. Spoedig werden allerlei feiten uit zijn verleden rondverteld en die alle bleken sterke argumenten tégen werkzaamheden aan de redactie te zijn. Er werd bewezen dat hij, tijdens zijn aanwezigheid, als sportreporter van een weekblaadje, in Berlijn, daar druk had verkeerd in kringen van cocaïne-handelaars en andere misdadige elementen. Ook had hij nog maar kort geleden, in Holland, goedgeloovigen lieden geld afgetroggeld, onder het voorwendsel, een geheime fascistische, anti-socialistische organisatie te stichten. Bekende tegenstanders der Partij schreven, in humoristische bladen, spottend over deze tegemoetkoming aan Mussolini en voorspelden haar spoedige vereeniging met den Fascistischen Bond. Toen nu bleek dat erkende socialistische journalisten waren achteraf gesteld, ter-wille van Van der Voorde, besliste het Partijbestuur dat die benoeming ongeldig was.
Nu eischte Breebaart, als geldschieter van het Dagblad en president -commissaris van den Raad van Beheer, dat de jonge man onmiddellijk ontslagen moest worden. Dit weigerde Sauerman echter positief. En zelfs toen het Partijbestuur in een resolutie de wenschelijkheid uitsprak, dat de hoofdredacteur den onbekwamen, onbetrouwbaren jongen man zou wegsturen, dreigde hij zélf ontslag te nemen, indien Van der Voorde niet gehandhaafd bleef. Voor dit dreigement had het Partijbestuur voorloopig moeten bukken. Met de Algemeene Verkiezingen in zicht, achtte het zich onverantwoord, een crisis aan de redactie uit te lokken.
Toen dit conflict in wijderen kring bekend raakte, wisten vele voor-