Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



door de minste oneffenheid van den weg hield hij hèm tegen. Maar zelfs waar de weg glad was, viel het hem moeilijk den steen voort te sleepen; hij was zoo zwaar. Het ergst waren nog de modderplassen. Hoe zorgvuldig hij er ook naast ging, al was de weg nog zoo smal, de steen scheen niets liever te willen dan geheel in het vuil onder te dompelen. En telkens hij met veel geraas in een kuil neerplaste, liefst daar waar de meeste modder lag, spatte hij hèm vol viezigheid, tot in zijn hals, tot op zijn hoed.

Gertruds halve bekentenis had hem de gewaarwording gegeven, dat die noodlotssteen zijner liefde den verloopen nacht in den modder was gevallen; hij voelde zich tot aan zijn nek beslijkt. Nu moest hij weer trachten hem uit de plas te trekken. Dat moést hij. Want de steen was Gertrud en de plas, de ondergang, waarvoor hij haar behoeden wou.

Waarom?

Omdat hij van haar hield.

Moést hij dat wel?

Kon hij haar niet beter naar den trein brengen? Als hij eens flink was en voor altijd afscheid van haar nam?

Kon hij dat niet?

Nu zag hij, in gedachten, zijn kamer voor zich, in Prinzenhof. Coen en Mary waren bij hem.

—    Weet je, hoorde hij haar zeggen, op dien moederlijken toon, die hem telkens opnieuw trof, de eigenlijke tragedie der liefde is niét die van twee koningskinderen, die elkander niet krijgen konden, maar, „ze konden elkaar niet behouden.”

Toen had hij ook filosofisch willen zijn en bijgevoegd:

—    Of misschien wel: ze konden niet meer van elkaar scheiden.

Dat had hij gezegd en nü was het hem, alsof hij het toen al vóórvoeld had. Gertrud behouden, zou hij nooit, dat kón niet. Daar was ze te ijl, te slangachtig, te weinig betrouwbaar voor.

Gertrud laten gaan, van haar te scheiden? Haar naar Berlijn terug sturen? Dat kon hij nog veel minder. Hij kon niet buiten haar, al zou hij dóór en mét haar ondergaan.

—    Nee! zei hij luid.

—    Wat nee, jongen? vroeg moeder.

—    Ik dacht aan mijn werk, zei hij, bedremmeld. Nu ga ik maar even een taxi opbellen. Gertrud zal wel haast klaar zijn, met inpakken.

Suze was zeer tegemoetkomend tegen Gertrud; de meisjes babbelden dra druk met elkaar. Nu begreep hij eerst goed, wat Suze bedoeld had, toen ze zei, dat hij Gertrud niet uit haar sfeer moest halen. En, ineens

160

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.