De onverwachte komst van Gertrud maakte hem onverhoopt gélukkig, voor een avond.
— Breng jij nu eens lief en gauw een potje thee voor ons, zei hij het dienstmeisje en volgde haar naar het portaal. Daar fluisterde hij haar iets in. Ze lachte.
Ik vind het heel lief van je dat je me zoo spoedig eens komt opzoeken, zei hij dankbaar tot Gertrud, toen hij met haar alleen was. Vertel eens hoe je ’t hem gelapt hebt, er uit te komen zonder dat ze het merkten..
Gertrud vertelde waarom ze verstoord was, op Max.
— En nu ben ik maar alleen uitgegaan, eindigde ze. Ik ben immers geen klein kind meer. Neem jij me nu mee, naar Mille Colonnes? vroeg ze vleiend.
— Groot gelijk, zoo’n jonge man moet maar eens een lesje hebben, dan wordt ie wel gedweeër, stemde Kees toe. Als ie uit zichzelf niet weet hoe hij zich te gedragen heeft, moeten we het hem maar leeren.
Hij trok haar naast zich op den divan en legde den arm om haar hals. Snel achtereen zoende hij haar zachtjes, op het oor en fluisterde haar iets in. Maar ze weerde hem ongeduldig af.
— Daar kom ik niet voor. Als jij me ook niet wil meenemen, ga ik maar alleen.
— Reken maar van wel, zei hij luid en gaf haar een zoen. We zullen samen een kopje thee drinken en een kwartiertje babbelen, om mijn Duitsch wat op te halen en dan gaan we ergens eeh likeurtje drinken, dat speciaal voor mij gemaakt wordt.
Een half uur later waren ze op straat. Kees riep een taxi aan en ging, op haar uitdrukkelijk verlangen, met haar naar Mille Colonnes.
Bij het binnenkomen had hij al opzien met haar. Ze liep snel en uitdagend voor hem uit, alsof haar het heele café behoorde. In haar stemmige huisjurk zag ze er liever uit, dan de oud-jonge dames in baltoilet. Kees viel het op dat menig meisje afgunstig naar haar keek en hij werd bijna jaloersch, door de vriendelijke blikken, die de heeren haar toewierpen.
Na haar eersten dans met hem, vroegen haar vijf, zes heeren tegelijk, voor een volgenden. De danspassie beving haar, ze coquetteerde, gaf rake antwoorden, in haar half-Hollandsch. Niet één dans sloeg ze over en ze vroeg hem zelfs niet, of hij het goed vond dat ze met anderen danste. Toen Kees eindelijk kregelig werd, bleef ze bij hem zitten.
— Moet je nog niet naar huis? vroeg hij, ontevreden.
Ze schudde het hoofd.
— Ik heb allen tijd hoor. Maar, als ik je verveel, vraag ik wel een ander of hij zich met mij bemoeien wil.
— Ga maar mee.
146