Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



haar nooit zou alleen laten of terug sturen, naar Duitschland, daar ze niet meer zonder hem kon. Hij hield haar dan in de armen geklemd en nam zich plechtig voor, te trachten, door ijverige plichtsbetrachting voor altijd aan het Verbond te blijven en zoodoende altijd in staat te zijn, voor haar te zorgen en haar het leven zoo prettig mogelijk te maken. En zij liet hem dan in den waan dat ze zich steeds méér en méér aan hem hechtte en dat alleen de vrees voor verwijdering van hem, haar ineens zoo angstig kon maken. Ze durfde zichzelf ternauwernood bekennen, dat niets dan de herinnering aan vroegere dagen en vroeger leed, haar zoo deed beklemmen en troost bij hem zoeken. Nog altijd leefde in haar de gedachte aan Hans, den grooten, blonden officier, den brutalen, pretmakenden vent, waar Max niets van weg had en wiens type toch het eenige was, dat haar kon voldoen en helpen, oud leed terug te dringen. Indien Max zelf niet kon maken dat ze hem vergat en hem niet voortdurend in haar brein voor zich kreeg, ter vergelijking met hem, welke dan ongunstig voor Max moest uitvallen, wat moest er dan wel van hun toekomst terecht komen? Ze zou hier wel op den duur vrienden vinden, viel haar dan in. Maar, zou Max goed vinden dat ze met hen omging? En, als ze eenmaal getrouwd waren en hij vond het niét goed, maar ze kon niet anders, ze moest naar zoo een toe, moést, als de stem weer in haar riep, zooals vroeger zoo dikwijls, in Berlijn, wat dan?

Deze aanvallen van ernst kreeg ze echter maar zelden en dan duurden ze ook maar kort. Gewoonlijk luisterde ze ’s morgens, een trek van opofferingsgezindheid op het mooie gezichtje, naar zijn uitweidingen over het werk van het Verbond, waardoor hij haar dacht voor te bereiden op het leven, dat ze later te zamen zouden leiden. Maar het ging haar grootendeels voorbij en ze slaakte een zucht van ware verademing, als hij uitgesproken was. Dan vroeg ze of ze dien dag uitgingen, waarhéén en of het daar gezellig was. Hij had haar al meegenomen naar Artis, waar ze had loopen coquetteeren tegen mannen en dieren en naar het Rijksmuseum, waar ze had loopen gapen, en spottende opmerkingen had gemaakt, over een dame, die een oud stuk naschilderde. Maar als hij antwoordde dat hij naar kantoor moest, of ergens een stakersvergadering toespreken, dan had ze plotseling een strak gezicht getrokken, alsof hij opzettelijk een groote verwachting in haar had verstoord. Dan begreep hij ineens, dat het niet haar verlangen naar zijn gezelschap was, dat haar deed vragen met hem uit te gaan, maar louter en alleen haar onrustige natuur, die maar geen bevrediging kon vinden in het gezelschap van moeder en het verrichten van kleine huiselijke bezigheden. Dat speet hem dan, om het feit dat ze daardoor blijken liet, niets om zijn moeder te geven. Maar ook moest hij wel denken, aan de naaste toekomst, aan hun huwelijksleven, waarin maan-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.