Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



precies op zijn plaats. Het wordt nou langzamerhand tijd, dat we een echt arbeidersdagblad krijgen, zei hij, op ernstigen toon.

—    Hè ja! riep ze, enthousiast. Met jou als hoofdredacteur.

Met onverschillig straatjongensgebaar lichtte hij den elleboog op.

—    Niéts voor mij, hoor; ik kan niet schrijven. Als het blad er komt, vinden we de rechte mannentjes óók wel. Ik hou me bij mijn eigen werk en heb trouwens genoeg te doen.

Ze knikte instemmend en liet het hoofd in de handpalmen rusten.

—    Je werkt te veel, Willem, je overwerkt je, zei ze, op een toon van bezorgdheid. Van Berghem was hier nooit langer dan een paar uur daags en lang niet zoo dikwijls als jij. En Bogaerts deed het meeste werk voor hem. Je moet je wat meer ontzien, anders loopt het spaak.

—    Ik? Hij bulderde een massieven lach uit. Nee, meisje, ik werk nóóit te veel, ik hou er van en heb liefst een dubbele portie. Hier, geef Bogaerts deze boekjes, als ie terug komt en zeg hem dat hij van elke reis een kopie moet maken, met ruimten voor aanteekeningen. Zoodra ze in orde zijn, moeten de boekjes naar Wieler, Hoekstra en Colter. Bij de kopie van Colters reis moet een vraagteeken staan. Die krijgt eentje mee, maar wiè, weet ik nog niet. Hun namen staan op de boekjes, zie je? Er kan dus geen vergissing plaats vinden. Ze moeten in verzegelde enveloppen worden verzonden, of nee, breng jij ze maar zelf. Of Suze Van Seventer, als je geen tijd hebt. Maar niemand anders, begrepen? En, persoonlijk overhandigen.

—    De groote campagne wordt dus ingezet, zei ze, opgewekt.

—    Ja, met Mei zijn de algemeene verkiezingen en dan ...

—    En dan. . . . ? vroeg ze, fluisterend.

Ze legde vragend de hand op zijn arm. Snel greep hij haar pols, hief met zijn andere hand haar kin op en keek haar uitvorschend in de oogen.

—    Waarom vraag je dat? Ben jij wel te vertrouwen, jonge juffrouw?

Hoewel haar pols pijn deed van zijn sterken greep, keek ze hem kalm-

glimlachend aan.

—    Ja, Willem, mij kan je vertrouwen, zei ze dan zacht. Ik hou immers van je.

Hij trok zijn hand terug. Haar antwoord verbaasde hem, méér echter om den teederen klank, van haar dikwijls zoo spottend klinkende stem, dan om de woorden. Het was hem een oogenblik, of een gansch vreemde geur het vertrek vulde, of de lucht zoeter en reiner werd. Dra echter, werd het weer gewoon, om hem heen en kwam zijn oude gelijkmoedigheid terug. Niettemin voelde hij zich bevangen worden van een ongewone aandoening van weekheid. Hij knikte haar op zijn oolijke wijze toe, doch stapte met groote passen het kantoor af en aan, om zich te bezinnen op een geschikt antwoord.

—    Wat vertel je me nü voor dwaasheid, zei hij dan, op gemaakt

107

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.