Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



•— Ja, dat moet dan maar, als Helen het tenminste goed vindt. Zou je misschien weer je oude kamer in de stad kunnen krijgen? Wat was er, Annie? vroeg ze het meisje, dat na lichten klop binnen was gekomen.

—    Mevrouw, de juffrouw laat vragen of het goed is dat ze een uurtje blijft rusten? Ze is zoo moe.

Mevrouw Branders fronste de wenkbrauwen en keek naar Max, die verlegen op het telegram tuurde.

—    Moet je nu al meteen weer weg? vroeg ze dan zacht.

—    Een half uurtje maar. U wacht toch met de koffie op Helen, niet? Dan ben ik tegen dien tijd wel weer terug.

—    Nu, zeg de juffrouw dan maar dat het goed is, zei moeder, ongewoon kortaf, tegen Annie.

In het voor-kantoor van het Verbondsbureau hing een andere sfeer dan vroeger en het voormalig personeel was grootendeels verdwenen. Van dat wat hij er nu aantrof, kende Max alleen juffrouw Lan-ders en den kleinen jongen. De twee opgeschoten jongens, die hij menigmaal had zien babbelen, aan de groote tafel, waren vervangen door een man met ernstig voorkomen, die ternauwernood opkeek van zijn werk, toen hij binnen kwam. Voor de twee typistes, die altijd met Mea Lan-ders en bezoekers de grootste pret hadden, was er slechts één in de plaats gekomen. Ze was even groot als Mea, doch scheen wat ouder te zijn. Max vond haar niet zoo uitdagend mooi als deze, doch flinker gebouwd, rustiger, èn, een lief, verstandig gezicht hebben.

—    Er is hier héél wat veranderd, nietwaar? zei Mea, zijn rondwa-renden blik volgend. Mijnheer Bouwer heeft het meteen radicaal aangepakt. Enfin, hij is ook zoo radicaal, voegde ze er met een glimlach aan toe. Hij zou ons liefst allen vol energie pompen; net zoo vol als hij zelf is.

Haar stem uitte zooveel voldoening, ja trots, dat hij niet na kon laten haar verwonderd aan te kijken. Menigmaal had hij bestuurders van het Vakverbond en ook wel bezoekers hooren schertsen, over haar vriendschap met Van Berghem. Als daar iets van aan was geweest, moest het wel snel bij haar zijn overgewaaid, dacht hij.

Mea scheen te begrijpen, wat hij dacht. Ze bloosde.

—    Even voorstellen? vroeg ze. Mijnheer Branders, onze vertegenwoordiger, juffrouw Van Seventer.

Ze blikten elkaar ernstig aan en drukten elkaar de hand.

—    Is U hier pas kort? vroeg hij.

—    Een week. Ik ben bij het onderwijs geweest.

De schuifdeur stoof open. Twee mannen kwamen, luid pratend, uit het hoofd-kantoor. Max kende hen; Wieler en Hoekstra, vrienden van Bouwer. Ze knikten hem niet zoo joviaal toe als vroeger, vond hij.

De telefoon ging.

ioo

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.