TROUWEN. 173
Hij richtte zich op, den blik van het jonge, deelnemend gezichtje voor hem ontwijkend.
— Ben je niet lekker, Sim ? Ja — je ziet bleek !
— Dag, Selly. Is Jetty bij je ?
— Ja, Sim I Is er wat ?
— Nee — niets...... ga je gang maar I
Opstaand, schudde hij zijn colbert in de plooi en zette zijn hoed, die naast hem
op een stoel lag, op. Hij beefde...... moest
zich aan het tafeltje vasthouden.
— Ik zal een rijtuig bestellen — we gaan maar rijden, zei Roos, nu bezorgd doend.
— Neen — dank je ! Ga jij met de kinderen naar huis — ik neem de tram. Hier,
Jetty, betaal jij fietsen en vertering......
ik ga al.
— Dag, Sim !