134 TROUWEN.
zei hij nu vaster, ernstig in haar oogen ziend. Ze zullen even het park omtoeren en komen dan weer hier. Wees maar niet
bezorgd...... ze zijn geen kinderen meer.
Ik denk — dat wij elkaar wel kunnen bezighouden.
Zijn beslistheid trof haar, hoewel ze dat niet liet blijken. Wat had hij er toch mee voor ? speelde haar door het hoofd. Waarom bleef hij toch zoo straf aanhouden op dat samen-zijn, waarom nu weer de meisjes er toe gebracht, te gaan fietsen ? Dat moesten ze in de wachtkamer van maison Max besproken hebben — misschien wel thuis, toen ze toilet maakte. Een formeele samenzwering dus. Hoe durfde hij zich tegenover de kinderen zoo bloot te geven ? Ze zou echter op haar hoede zijn.
— Zijn die fietsen den kellner toevertrouwd ? vroeg ze luchtig.