Cortelingen sinds vele jaren kende, werd Tine toen opgenomen in het meisjes-pension.
Hoe zwaar ’t de vader en de broers ook viel: hun prinsesje, hun zonnestraaltje te moeten missen, ieder begreep toch, dat ’t hier haar eigen welzijn gold en daarom berustte men.
Tine, met haar lichte vlindernatuurtje, nam de verandering als iets heel prettigs op. Ja, ’t was wel sneu om weg te moeten van vader en de broers, maar daar tegenover stond, dat ze nu verlost was van die vreeselijke huishoudster.
Zoo kwam Tine bij Mevrouw Cortelingen.
Onder heel andere onstandigheden kwamen de tweelingzusjes Annie en Meta Merens.
Dit waren beide meisjes uit een groot gezin, zóó groot, dat vader als de heele familie aan tafel zat, het lachend ,,de kazerne” noemde.
Annie en Meta waren na een hevige ongesteldheid wat bleekneuzig gebleven, en daar ze in een groote, drukke stad woonden had dokter het noodig geoordeeld ze beiden een flinke poos naar buiten te sturen.
En zoo waren die twee eigenlijk meer voor gezondheidsredenen bij mevrouw Cortelingen gekomen, doch vader en moeder vonden het ook wrat goed, dat hun twee meisjes eens onder een flinke leiding kwamen, want door al het gesukkel was het tweetal braaf verwend en moeder had het tè druk met haar heele kazerne
93