„Hè kind, je slaapt al half. Nou, nacht, hoor!”
„Nacht,” zei Dé, blij, dat het praatstertje eindelijk ging slapen. De meisjes sliepen twee aan twee en mevrouw had haar slaapkamer op dezelfde étage, zoodat ze niet veel nachtelijke streken konden uithalen. Zelfs het even napraten moest zachtjes gaan, want ’t was al eenige keeren gebeurd, dat mevrouw ze betrapte en er een ongenadig standje op volgde. Want, hoewel mevrouw heel lief en hartelijk voor ze was, hield ze streng vast aan de regelen en gewoonten van het huis.
En dit was ook wel noodig voor de zes meisjes die allen uit een zeer verschillende omgeving kwamen en sterk uiteenloopende karakters hadden.
Dé, die eenige jaren ouder was dan de andere meisjes en sinds twee jaar uit Indië in Holland was gekomen, en in die twee jaar opgevoed was door een strenge, ouderwetsche tante, schikte zich het gemakkelijkst, vond mevrouw’s zacht, doch streng optreden verrukkelijk vergeleken bij de koud-strenge tucht die ze bij tante gewend was.
En juist tegen de komst van dit meisje had mevrouw het meeste opgezien.
Zoo’n zeventien-jarig Indisch meisje, vol tinka’s leek haar al heel moeilijk te regeeren en ’t was niet dan na lang aandringen van Dé’s
89