spelden en de mooi-gekleurde sarong viel op de bloote voetjes die in beeldige muiltjes staken.
„Kind, wat zie je er lief uit,” zei mijnheer Tervaart, terwijl hij zijn meisje vol trots kuste.
„Adinda, je bent om op te eten,” zei Oom Wim, terwijl zijn blikken vol welgevallen op het allerliefste figuurtje van zijn nichtje bleven rusten.
En Nettie liep maar om Jo heen en kon niet genoeg van haar krijgen.
Daar ging de deur weer open en binnen kwam in woest en dans een boschgodinnetje.
Het was een costuumpje, dat Tine zelf gekozen en ontworpen had en ze zag er in uit om te stelen.
Het eostuum was geheel van vuurroode tulle, rokje en lijfje omkranst door groene ranken en bladen.
In de haren, die los om haar heen fladderden, droeg ze ook een krans van groene bladeren.
„Schitterend!” zei Oom Wim. „Je had met beter kunnen kiezen, klein duivelinnetje.”
Weer een slepende tred door de gang en Ada kwam binnen als geisha.
Een prachtige geel zijden kimono, geborduurd met zacht-rose vogels en bloemen, omsloot haar slank figuurtje. Het donkere haar was hoog opgekapt en daarin staken beeldige kleine waaiertjes.
Aan de voetjes had ze mooie gouden muiltjes
215