De overigen stonden bij elkaar en schenen over iets te beraadslagen.
„Daar komen ze,” fluisterde Rob.
„Nu de aandacht afleiden,” zei Herman. Ze verspreidden zich door de kamer en Jo ging met Tine bij Mevrouw en Dé staan.
„O, daar zijn de jongens,” zei Herman. Maar Dé was zoo aan ’t praten, dat ze hem niet eens verstond.
„Dé, mag ik je even onzen ouden vriend Puck Deeleman voorstellen,” zei Herman, nu vlak bij haar.
Dé stond haastig op en......
„Monsters!” riep ze hevig kleurend.
„Aangenaam,” zei Oom Wim, terwijl hij zich lachende, diep voor haar boog.
„Puck Deeleman, lieve Puckie!” juichte Jos terwijl ze met hem rond danste.
„Jo, hou je fatsoen toch,” bromde Rob. „Je bent hier niet thuis.”
„Ja, dat ben ik juist wel,” lachte Jo, terwijl ze haar arm om Tine heen sloeg, „’t Lijkt wel, of ik hier al maanden ben.”
„Dat is iedereen, die hier komt,” zei Dé, terwijl ze dokter Durieu dankbaar aankeek.
Deze knikte haar eens vriendelijk toe. Ook hij genoot van al die blije, opgewekte gezichten om zich heen. En vooral blij was hij dat hij Mevrouw Cortelingen, de vrouw die zijn vroeger zoo egoistische meisje gemaakt had tot het
179