199
zagen er zo gedistingeerd uit en niemand zou gedacht hebben, dat zij en haar zoon bij deze twee keurige en beschaafde meisjes op kamers woonden.
„Eigenaardige tijd toch,” peinsde mevrouw, terwijl Reindert in een ernstig gesprek over muziek met de beide meisjes gewikkeld was. „Twee zulke meisjes, die pension houden! In mijn jeugd zou geen behoorlijk mens met hen om zijn gegaan en nu neemt niemand er aanstoot aan. Is het dan ook niet veel beter, dan het niets doen van vroeger en het maar afwachten of er een man komt? of het teren op de zak van de ouders? als deze twee meisjes trouwen, zal er weinig scheef kunnen gaan in het huishouden en vooral Jet is een voorbeeldige huisvrouw. Dat Bea dit niet zo in alle puntjes is, komt er voor Reindert niet zo erg op aan, die heeft een positie, die hem in staat stelt, een flink dienstmeisje te houden. En Bea is geestig, artistiek en zal een alleraardigst gastvrouwtje zijn. En heeft ze niet getoond, dat ze zich redden kan, als het nodig is?”
Er ging een belletje en om hun heen stonden de mensen al op.
„Moeder, de pauze is om,” rukte Reindert haar los uit haar overpeinzingen.
„Heeft Mahler u zo aangegrepen? u was gewoon weg!” „Het zou ook geen wonder zijn,” vond Bea. Ik heb het orkest in lange tijd niet gehoord. Wat is het toch een genot om er naar te luisteren.”
„Daarom zijn moeder en ik ook trouwe bezoekers van de concerten, dat is de beste manier om je waardering uit te drukken, zou ik zeggen.”
„Zie je Rienstra gluren?” vroeg Jet. „Hij rekt gewoon zijn hals uit om onze aandacht te trekken.”
Bea zocht bij de eerste violen.
„O, ja, ik zie hem,” en ze knikte hem olijk toe, iets, dat niet bepaald in de smaak van mevrouw van Vliet viel.
„’n Beste vent, die Rienstra,” zei Reindert zacht tegen