i6i
in staat om haar ’s avonds gezelschap te gaan houden als Reintje op stap is.”
„Voor de zaak moet je wat over hebben,” lachte Jet.
„Net of je het anders niet zou doen! Nou, als het voor de zaak is, dan zal ik me ook wel eens opofferen. Zou ze vanavond in katzwijm liggen, als Rein thuis komt? ik ga niet slapen voor hij binnen is, wie weet wat er nog voor tonelen kunnen komen!”
De telefoonbel rinkelde.
„O, hemel!” deed Bea kwasi verschrikt. „Rein is opgehaald!”
„Malle!” lachte Jet en ze ging naar de telefoon.
Bea acteerde een tragische scène van een wanhopige vrouw.
„Til!” annonceerde Jet.
Bea liet een kreet van verluchting horen.
„Of ze vanavond een uurtje komen kan?”
„Wat mij betreft best, hoor. Komt ze ons het grote nieuws vertellen?”
Jet moest even lachen, zei Til dan, dat ze thuis waren en haar verwachtten.
„Moeten we geen blommen hebben voor de bruid?” spotte Bea.
„Heb je toch een pietsie ’t land, dat Henk je ontrouw is geworden?” plaagde Jet.
„Dat weet je beter,” verdedigde Bea zich. „Maar ik vind het niet aardig, dat ik het van Els moest horen. Henk had me een briefje kunnen schrijven. Vroeger overstelpte hij me met brieven.”
„Je hebt gelijk,” vond Jet. „Afwachten maar, wat Til te vertellen heeft.”
Til, in fleurige zomerjurk, een klein hoedje op, gewaagder, dan anders haar gewoonte was, kwam een kwartier later aangepeddeld.
We slaan er ons door. 11