146
sen en een afspraak gemaakt om samen te gaan fietsen. Nou, en toen hebben we daarna samen getennist en geroeid en hij heeft een two-seatertje — een oud beestje, maar je kunt er nog gezellig een eind mee weg — en toen is het dik aan tussen ons geworden. We laten elkaar nooit meer! voor geen tien oude brompotten van vaders! Maar dat hij ons nu die streek heeft gelapt, om Ed naar Engeland te sturen, voor een heel jaar liefst — dat vergeven we hem nooit! Zeg nou zelf, Bé, is dat gemeen of niet?”
„Hè, hè,” lachte Bé. „Dat houdt er wat om, eer een ander aan het woord kan komen! Luister, schaap, naar de woorden van je oudere vriendin: Als ik het goed begrijp, is die Ed van jou in zijn vader’s zaak en aangezien hij nog een jong broekje is — dit leid ik af uit het feit, dat hij jou niet tot betere inzichten heeft kunnen brengen — zal hij zijn opleiding tot uitgever nog moeten krijgen. Ik weet uit uitgevers-kringen dat het usance is, je zeun naar het buitenland te sturen. Dat zijn vader het op dit tijdstip doet, is heel naar voor jullie, maar wel wijs gezien.”
„Wat zeg je!” stoof Els op. „Wijs gezien? als je maar weet, dat hij daar geen klep zal uitvoeren!”
„Dat zal dan ongeveer net hetzelfde zijn als hij hier deed,” zei Bea met een fijn lachje. „Moest ik jou niet kennen, geliefde Elsevier! je hebt natuurlijk dag aan dag met hem in het wagentje gejakkerd, of hem meegetroond naar de tennisbaan ! en d&t zal Pa van Stralen verdroten hebben.”
„Nou, zeg,” zei Els al een beetje kalmer, „’t Is toch zeker zomer! en waarom geeft die drakerige Pa hem dan ook geen vacantie?”
„Heeft ie misschien al gehad, het is toch al einde Augustus. Neen, Els, ik kan dat drama van jou niet zo hevig vinden en raad je aan je niet zo te verzetten tegen dat naar het buitenland gaan van je Ed.”
„Een jaar is zo lang. En wie weet ontmoet hij daar niet een meisje waar hij meer van gaat houden.”