„Denkt u heus, dat Moeder het goed zal vinden van de rolwagen?”
„Dat denk ik heel zeker, maar voorlopig moet je er maar niet om vragen, Moeder heeft al zoveel gedaan, waar ze eerst zo erg tegen opzag en dat heeft haar meer aan wilskracht gekost, dan we een van allen kunen beseffen.”
„Ja, dat is waar. Ik ben blij, dat u me dit gezegd heeft. Ik heb er tè weinig aan gedacht.”
Toen klopte de Muizenmoeder aan de slaapkamer en berichtte, dat de thee klaar stond.
„Hè, wat zal dat me smaken!” zei mevrouw Smaalders. „Zit je fijn in het zonnetje, kind?”
„Zalig! Moeder, komt u even hier.” En toen haar moeder bij haar kwam, trok Corrie het grijze hoofd naar zich toe en drukte er een hartelijke kus op.
„Gaat u nu eens lekkertjes in die grote stoel bij Corrie zitten,” beredderde de Muizenmoeder. „Dan schuif ik de theetafel zó dicht bij Corrie, dat ze u een kopje kan schenken.”
„Corrie schenken?” schrok mevrouw. „Dat heeft ze nog nooit gedaan.”
„Dan moet ze het nu maar eens doen. Je mag voor die eerste keer zoveel plensen als je maar wilt, Corretje, ik zal het met alle pleizier weer schoon maken. Een volgende keer doe je het dan beter. Nu, gezellig theeuurtje samen.” Corrie deed dood-voorzichtig en tot haar grote vreugde was er alleen maar een klein plasje op haar eigen schoteltje.
„U moet maar enige kopjes drinken, Moeder,” lachte Corrie. „Dan krijg ik routine in het thee schenken.”
„Geef me dan nog maar gauw een kopje, ik versmacht van de dorst, dus dat tref je. Na dit kopje ga ik meteen weer aan het werk, dan is de boel gauw klaar, tenminste het eerste gedeelte. Tante Do heeft beloofd, dat ze vanavond komt helpen, dan zijn we met alles klaar vóór we vanavond in bed stappen. Ik ben benieuwd of we hier goed
144