Mies Demming

Titel
Mies Demming

Jaar
1925

Druk
1925

Overig
1ed 1925

Pagina's
210



DERTIENDE HOOFDSTUK.

„Zoo, Mies, nu zullen we eens heel zakelijk zijn,” zei Frits Dumée, die met Mies en zijn meisje in het aardige kantoor zat, dat in de ouderlijke woning tijdelijk voor hem was ingericht, tot hij een geschikt huis zou hebben gevonden om zijn uitgeverszaak te beginnen en zijn woonhuis in te richten.

„Kijk eens, meisje, met een zoo trouwe vriendin als jij maak ik natuurlijk eenig verschil. Beslis ik anders zelf over de band-teekening en de kleur van het linnen, dezen keer laat ik dit geheel afhangen van jou wenschen. Hoe ben ik op je?”

„Frits, je bent een driedubbel gebeide schat en als Liesje er niet bij was...”

„Ja, dat ken ik van je,” lachte Dumée. „Toen we nog samen bij het gezuurte waren — zeg, ’t lijkt eeuwen geleden — en Liesje er ook niet bij was...”

„Dat moet ik maar allemaal aanhooren,” zei Liesje kwasi-boos. „Ik dacht, dat jullie zakelijk zouden zijn.”

„Ja, dat is waar ook!” dolde Mies. „Frits jongen, grabbel al je zakelijkheid bij elkaar. Vooruit met de geit.”

„Nu dan, blaag, hoe wil je den band hebben? Geen exorbitant hooge eischen, hoor! Je kon wel peau de Suède wenschen.”

„Tja,” weifelde Mies. „Ik hou van erg rustig, liefst een zwart linnen band met een ornament in goud. Ben je ’t daarmee eens?”

„Volkomen. En dan vragen we of van Breug-hel er een artistieke bandteekening voor maakt. We moeten jouw eerste papieren kind toch

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.