226
„Ik wil graag eens kaas zien maken."
„Kun je gedaan krijgen. En je kunt de bloembollen zien en den nachtwacht van Rembrandt en Marken en Volendam," zei ze spottend.
„Ha!" dacht Jack. „Daar hebben we de oude Sally."
Mr. Graham kwam juist de salon binnen.
„En?" vroeg Sally haastig.
„O. K.!"
„Fijn! dacht ik wel. Madame zal ziedend zijn, Ik ga Norinchen meteen halen."
Even daarna kwam ze terug, haar arm om Norine geslagen.
„Dat is ze nu, Dad!"
Mr. Graham stond haastig uit z'n stoel op en met één blik had hij Norine van kop tot teen opgenomen.
Toen stak hij bei z'n handen uit en omsloot met fermen greep de twee tengere meisjeshanden.
„Miss Röstel, I am your friend for ever."
Meer zei hij niet, maar Norine voelde in dien ste-vigen greep, dat ze in hem werkelijk een vriend voor het leven gevonden had.
„Mr. Jack MacLean, Miss Röstel," stelde Sally voor.
Toen gingen ze gezellig bij elkaar zitten.
„Nou heb je twee dochters, Dad," zei Sally, die dicht naast haar vader was gekropen.
„Dat voel ik ook zoo. Ze moest werkelijk maar met ons mee terug gaan. Miss Röstel...."
„Zegt u Norine?" vroeg het meisje, dat zich direct