187
„Hij is in een kliek cabaret-artisten te land gekomen, waarmee hij tezamen met dien ellendigen Paul cocktails naar binnen slaat, den een na den ander, zich aanstelt als het meest geblaseerde fuifnummer en eigenlijk zóó aanstellerig doet, dat het niet om aan te zien is. En nu is er vanavond zooiets ellendigs gebeurd.... ik ben heelemaal van streek.... Norinchen, j ij weet toch wel, dat ik
nooit iets heb gedaan wat j o u kon hinderen "
„Wat is er nu toch? Neen, natuurlijk niet, je bent, behalve de laatste weken een schat voor me geweest. Toe vertel nu!”
„Vanavond zat hij weer met dat heele troepje in de dancing en toen ik met één uit ons gezelschap langs hem kwam, trok hij me plotseling van mijn begeleider weg en wilde, dat ik met hem zou dansen. Ik was furieus; dat kun je denken en ik beet hem toe: „Schaam je wat, Fred! Je bent een misselijk sujet! En toen.... O, Norientje, toen lachte hij zoo opschepperig en Paul zei hardop en treiterig: „is u nu zoo boos op Fred? In Interlaken was u toch „in love with him!”
Er was bijna ruzie gekomen, want Frank Dawes wilde hem ter verantwoording roepen.
Ik trok hem mee en we gingen onmiddellijk weg.
Norinchen. O, had ik maar niet voor detective willen spelen! Maar ik wilde niet, dat jij hem beter zou zien dan hij is! En je gelooft toch niet, dat ik ooit met hem geflirt heb? Hij is voor mij nooit iets anders