155
dra mijn benoeming officieel is tracteer ik jullie allemaal op een stevige borrel-partij. So long, darlings!”
„Is-ie nou niet enig, ons Gerritje?” kreet Mar. „En geloof maar, dat-ie nooit verandert.”
„Hij is een keurig mens,” zei goedkeurend Marie de Boer en de anderen schoten in een lach.
Neen, keurig was niet bepaald een goedgekozen woord voor hun Gerritje, vonden ze. Joviaal, uit één stuk, dat was beter, maar het lag in de lijn van Marie om hem „keurig” te vinden.
De week daarop gingen Ans en de Cherubijn gezellig gearmd ter mode-show.
De lieveling had het nog bijna weten te bestaan om Ans op het laatste nippertje een werkje op te dragen, maar Jes had edelmoedig aangeboden het in haar plaats te doen en met een knorrig gemompeld: „Het is anders geen axioma, dat er zo geregeld door de helft van het personeel Zaterdagsmiddags vrij genomen wordt” had hij Ans laten gaan.
„Dat moet je nou waarachtig eeuwig van hem horen,” zei Ans in haar wiek geschoten. „Laat-ie dan liever ineens zeggen, dat we Zaterdags door moeten werken. Maar, daar zal hij wel voor oppassen, want hij is zelf veel te veel gesteld pp z’n vrije Zaterdag-middag.”
„Laten we nou proberen niet te denken aan de tikkamer, anders kunnen we niet van harte genieten van al het schoons, dat we te zien krijgen,” zei Leni. „Het schijnt vol te worden,” constateerde ze met genoegen, toen ze de hall van het grote Hotel binnenkwamen waar de mode-show gehouden zou worden.
„Hé, wat een gezellige sfeer,” vond Ans, toen ze aan een voor hen gereserveerd tafeltje plaats namen.
Zacht weerklonken de tonen van een achter planten verscholen strijkje. Op de met een zijden kleedje gedekte tafeltjes flonkerde het zilveren thee-gerei, kellners liepen af en aan om de gasten te voorzien van sandwiches en verdere heerlijkheden.
En altijd door ging de stroom van kijklustige dames, die zich voor de show op hun elegantst gekleed hadden.