139
„Dat geeft de Cherubijn een stevige voorsprong,” zei Lotte toen Leni terugliep om haar Moeder te ontmoeten.
„Tja, redactie-connecties zijn nu eenmaal niet te versmaden ! Hemel! Daar gaat me een hele Neon-verlichting op! Zou dat de aanleiding tot ’s lievelings aanminnigheid zijn? Jakkes, we worden al net zo wantrouwend als Stans was. Zo zie je hoe een mens tot dergelijke kleinzieligheden komt!”
„Nou, ja, we zijn niet zo héél veel van hem gewend en het merendeel van de tijdbekt-ie ons toch maar lekker af.” „Mag ik eens even kennis maken met de collega’s van Leni?” vroeg een vlotte stem en mevrouw Dannert, die hen ingehaald had, hield de meisjes staande. „Ik vind het zo prettig, dat jelui mijn verlegen haasje een beetje helpt. Ze heeft zo vreselijk opgezien tegen die eerste dagen, en nu begint ze er al vrolijk over te praten. Mag ik ook maar Ans en Lotte zeggen? Ze vertelde me daar juist verheugd, dat ze jelui bij de naam zou noemen. Help haar maar een beetje, wil-je? Ze is veel alleen geweest en daardoor wat meer verlegen, dan andere meisjes van haar leeftijd.” De beide meisjes beloofden dit op slag en mevrouw Dannert gaf ze een hartelijke handdruk.
„Verbroedering van redactie en tikkamer,” lachtte Lotte, toen de meisjes weer samen doorliepen.
„Zou de Vader dood zijn, dat mevrouw nog buitenshuis moet werken?” peinsde Ans.
„Misschien gescheiden. Ze ziet er eigenlijk dood-eenvou-dig uit voor dat ze zulke jeu-ïge artikelen pleegt over al wat de vrouw behaagt en bekoort! Je stelt je zo iemand toch ganselijk anders voor.”
„Je moet er wat van zéggen,” lachte Ans. „Vader had een kennis — een gesjeesde student — die onder het pseudoniem „Primula Vere” de schoonste mode-artikelen in een Plaatselijk Blad schreef. Je had Vader moeten horen vertellen, hoe hij „de lieve lezeressen” antwoordde en raadgevingen gaf op welke manier ze haar schoonheid konden verhogen! Maar de man had een vaardige pen en struinde alle buitenlandse bladen af.”
„Kostelijk,” lachte Lotte. „Maar ik geloof, dat hij er