Tegen de dwang (verhalen)

Titel
Tegen de dwang (verhalen)

Jaar
1907

Druk
1981

Overig
herdr 1981

Pagina's
248



temperatuur draaglijk maakte.

Om zeven uur werd het eten opgebracht, ze tafelden lang, 't was bij negen, toen ze opstonden. Toen was inenen Gerda's lust naar praten en gezelligheid voorbij, 't uitzicht over de duistere nachtzee beklemde haar, de stilte drukte. Ze ging maar liever naar bed. De kap'tein had er dadelijk vrede mee, sprak van vroeg opstaan de andere dag. Tot laat in de avond bleef hij met de twee Engelsen skat-spelen en bierdrinken, en Gerda, die de slaap niet kon vatten, hoorde nog uren lang hun jolig praten, hun kaartspel-termen, het gerinkel van hun glazen en 't geroep naar een bediende om meer bier en om wijn.

Sarima's gestrubbel met Kardoesje wekte haar de andere dag nog voor zonsopgang. Ha, een zeebries rimpelde 't watervlak, woei koel naar binnen door de patrijspoort. Een wazige rij van verre bergen stond als een vage kartelrand tegen de grijze einder. Ze kleedde gauw zichzelf en 't kind en klom aan dek. Er was nog geen zon te bekennen, de korte schemer grauwde nog over 't zacht-klotsende water, maar iedereen was al bij de hand, om in 't rijzende daglicht Poeloe-Sirih te zien naderen. Achter op dek was nu drukke bedrijvigheid, daar werden slaapmatten ineengerold, pakken vastgesjord, ieder bereidde er zich tot de aankomst. Hoog-rechtop, tussen 't kruipende en gehurkte volkje, dat krielde en redderde aan z'n voeten stond de grijze slangenman, de kop met grauwe baard geheven naar de oostelijke hemel toe, biddend de zon tegemoet.

Vurige vegen braken nu uit het grauwe gesluier der nachtelijke nevels, even nog, en de zon steeg onder de aarde vandaan en boven het zeevlak uit. Prauwen van vissers, die daar dobberden, lagen plotseling midden in 't rode goud. Maar Poeloe-Sirih, aan de wes-terkim, bleef nog in schemerduister. Doch niet lang meer en het klimmende licht zette ook daar de vage kleuren aan tot weekblauw de lucht en diep-groen de begroeide heuvelen. Witte huizen en rode daken, een zwarte vuurtoren en een blanke kerk kleurden feller te voorschijn. Schepen en boten, rustig in de diepe baai, werden zichtbaar, en hoorbaar, de lang-gerekte melancholieke grom van een vertrekkende mailboot, driemaal achtereen. Stille, witte vogels kwamen heenvliegen rond de mast, streken aan dek, tripten

99

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.