Augustus naar September.... wat klinkt September laat en bruin en nat en nevelig.... kijk je uit October achterom.... dan is September honigzoet en blond, fluweelig warm en licht. Kijk je October uit, November tegemoet.... dat klinkt als ijzige regen, barre wind.... October klinkt dan stil, nog zomerachtig.... Koud is October uit September.... warm is October uit November.... het is met alle dingen zoo.... het is zooals de meester met de bakjes water deed, één koud, één warm, en een.... en een dat koud was aan de hand die uit het warme, warm was aan de hand die uit het koude kwam.
Leeg is de speelplaats, groot beschaduwd om één zonneblok.... en geen geluid, alleen.... er wordt luidop gelezen in de eerste klas, het gaat op maat, de juffrouw klapt.... watis dat lang voorbij voor haar, wat is dat ver.... ze rilt, staat stil.... wat word je groot....! De meester van de vierde komt aan het raam, zijn mond beweegt.... hij geeft dictee.... ineens niet meer.... hij ziet haar, wenkt haar van de plaats.... waarom, ze deed toch niets.... een meester leeft niet als hij niet verbieden kan....
Niets is zoo vreemd als het veranderen dat de wereld onder schooltijd doet. Ze is de poort uit, staat op straat.... en hoort er niet en wordt er niet verwacht en mag er eigenlijk niet wezen en mag niet zien, wat allemaal gebeurt.... Half tien.... ze staat op straat.... en geen vacantie.... ook niet ziek.... een weeksche Donderdag! Achter uit gangetjes komen vrouwen en worden grooter, dikker naar de straat, en dragen kleedjes om te kloppen uit.... die blijven alle dagen thuis, den heelen dag.... En kleine kinderen om den groentekar.... ze ging een half uur geleden hier voorbij en nu alweer, terug, en het licht
174