'Qui bene distinguit, bene docet', wie wèl onderscheidt, wèl onderricht. Om onderscheidingen is het tenslotte te doen. Wil dan met mij, aandachtige lezer, het gedoe der lieden die kibbelen over eike-hakhoutpruikjes of stukjes fietspad of strookjes grond (of boomtakken, die bij de buren licht en telefoon verstoren!) niet langer individualistisch, maar egocentrisch noemen!
De vrouwtjes in Furfooz
Van 'het' vrouwtje hadden we gehoord. Mensen, die in of bij het Romeinse Kamp door de regen overvallen waren, hadden in haar cafeetje, het enige in het afgelegen, sombere, ongeplaveide dorp, een schuilplaats en een kop koffie gevonden en, terug in het hotel, van haar verteld. Achteraf bleek ze zelfs in het lokale gidsje te staan!
Herinnert zich de lezer, de lezeres, de klassieke 'Luizenmarkt' nog? Is het dan niet hem of haar als mij gegaan? Wie trouwens kent ze niet, de romantische hoop, de avontuurlijke verwachting op zulk een rommelmarkt, tussen rag en stof het verloren meesterwerk, het oud kleinood van edel gehalte en fabelachtige waarde te vinden? Nimmer gebeurt het - het zou immers ook niet kunnen, zo redeneert het verstand, meesterwerken en kleinodiën zouden sinds lang door snuffelaars, die voor ons kwamen, zijn opgespoord en meegevoerd! Zo redeneert het verstand, maar het redeneert de dwaze hoop niet dood!
Aldus togen we naar het dorp. Met diezelfde avontuurlijke verwachting om in het vrouwtje, dat 'nooit les kreeg' en zichzelf schilderen leerde, een onontbolsterd talent, een natuurgenie te ontdekken, tegelijk wel beseffend, dat zo iets, zo het bestond, in een dorp nabij een door honderden toeristen jaarlijks bezocht 'Romeins Kamp' allang ontdekt zou zijn.
Toen viel het tenslotte zélfs het onromantische verstand nog
183.