'Jullie schilderijen deugen niet.'
Grietje's onschuld had gevaar gelopen! Hoe kort ook ze dagelijks binnenshuis vertoefde, lang genoeg toch om de tere bloem van haar maagdelijke onschuld te krenken door de aanblik van een repro-duktie van... Rodins 'Le Baiser'!
Zeide ik te veel? Rehabiliteert ons dit öf niet? Weegt het op tegen een dievenkwartet öf niet?
Maar... hoor ik hier een lezer of lezeres tegenpruttelen... maar die eis van een volle week loon! Die haar toch niet toekwam, met of zonder Rodins 'Baiser'. Ware het daarenboven niet fraaier geweest, als Grietje het geld van lieden, wier 'schilderijen niet deugen', hooghartig had van de hand gewezen?
Nu, wie zó spreekt, kent de verhouding van Deugd en Ondeugd niet. Leert ons niet de ganse historie van de ganse mensheid, dat Deugd niet alleen op Ondeugd neerziet, haar verplettert onder minachting, haar vervolgt, haar vernietigt, maar haar bovendien ook schatting laat betalen? Zo is het, zo was het, zo zal het zijn, en Grietjes houding was in stijl.
En daarom adem ik nu weer vrij en fier, en daarom maak ik mij over het zedelijk gehalte van ons dorp voorlopig nog allerminst bezorgd!
' A '
Wanneer mijn vriend, de tijdschriftredacteur, over aanneming of toelating van een bijdrage twijfelt, gebeurt het wel eens dat hij haar mij voorlezen komt en na afloop mijn oordeel vraagt. Meestal zeg ik dan: 'Vriend, je zoudt het stuk hier moeten laten, dat ik het zelf nog eens lezen kan, want wat je voorleest, maak je mooi.'
Aan die ervaring moest ik gistermiddag denken, in het kleine kunstzaaltje, waar we met weinige genodigden zaten om de jeug-
170.