Prometheus

Titel
Prometheus

Jaar
1919

Druk
1946

Overig
2ed 1946

Pagina's
624



idealistisch-revolutionnair willen treedt daarnaast altijd het zuivere denken op, de werkzaamheid van de waar lijk-vrije, niet door een andere bestemming gebonden intelligentie, waarin de mensch dien graad van bewustzijn bereikt, dat hij van al zijn daden het eenzijdige en ontoereikende ziet en dus niet meer handelen kan. Tot dat hij nog weer beter weet. Naast het anti-maatschappelijk Christelijk individualisme herkennen we de ,,Verzoeningsleer" van Philo, als product van hetzelfde geestesmouvement. In verzoening is steeds de vernietiging van geschillen, van verschillen, van contrasten, de tendentie naar de Eenheid, naar de opheffing. De ware rechtzinnigheid is onverzoenlijk. En dit grenzen-vervagend Deïsme vinden we weer terug in de Renaissance, in het streven der zoogenaamde Platonische Academie, waarin Lorenzo de Medicurs, Pico della Mirandole en Marcilio Ficino zulk een werkzaam aandeel hadden. Met het Renaissance-scepticisme van Montaigne en Erasmus vertegenwoordigt dit Renaissance-Deïsme het opheffende, redelijke willen, waarin zich de Eenheid vollediger herkent, tegenover het zedelijk willen der Reformatie, die het niet verder brengt dan tot het vervangen van de redelooze, uniforme distincties door de redelijk-individualistische (,,goede werken" door ,,geloof" 1) maar niet tot het opheffen van alle distincties komt. Philo als Hamlet, tegenover Christus als Don Quichotte, Erasmus als Hamlet tegenover Luther als Don Quichotte. En ditzelfde nogmaals in de Revolutie. De Fransche Don Quichotte's — Rousseau en zijn discipel Robespierre — vervangen wel de redelooze dogma's der collectiviteit door de redelijke distincties der Eenheid — gelijk we uitvoerig hopen aan te toonen — maar ze heffen allerminst die distincties daarna op. Dit doen de Duitsche Hamiets, waarvan Kant de voornaamste is. Want Hamlet's wezen is het peinzen, niet het leed; dit ontstaat, doordat hem een taak wordt opgedrongen, die tegen zijn wezen is, van nature is hij de peinzer tegenover Don Quichotte, den doener. En, curieuze bijzonderheid, beide boeken zijn nagenoeg gelijktijdig geschreven.

Aldus zien we in de afwisselende perioden van overheer-schend individualistisch willen en overheerschend collectief willen de beide momenten der Eenheid — de zelfherkenning tot zelfopheffing, de zelfvergetelheid tot zelfbehoud — dui

97

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.