Ze zat met de boeken in de schoot, niet recht nog wetend wat te doen de dag was lang en zwaar geweest -, deed ze niet beter zich in rust te houden tot slapenstijd? Ze keek naar Fransje, en een vertedering steeg in haar op als dauw uit een warme grond... en ze dacht: nog een paar jaar, dan zal 't alles effener gaan, dan heeft ze mij niet meer zo nodig, en dan stoot ze zich misschien niet meer zo aan mijn anders-dan-zij-zijn...
'Daar komen grootvader en vader, Frans, neem je ellebogen een beetje van de tafel.'
Al doorlezend gehoorzaamde het kind.
'Je cadeau is gekomen, Harry! Kijk, grootvader, die heb ik van Harry voor mijn verjaardag.'
De oude man nam de boeken op, en bladerde er even in, met de half-bewonderende, half-onthutste glimlach van iemand, die nooit recht weet wat hij aan de ander heeft onderwijl zette en schonk Marianne thee en deelde de kopjes rond.
'Niet weer op de tast er naar grijpen, Fransje, anders gaat het kopje net als laatst over je boek.'
'Zijn er geen koekjes?'
'Ik geloof...' ze hield op —, grootvader holde ineens de kamer uit, kwam even later weer binnen met een schuldig gezicht en een grote papieren zak in zijn hand.
'Al die tijd in mijn jas gezeten! Ik durf er haast niet meer naar kijken.'
Ze bukten zich alle vier over de van vet doortrokken zak; de klok sloeg half negen.
'Al zo laat?' schrok grootvader. 'Dan wordt het mijn tijd haast. Ik heb mama beloofd, niet al te laat te komen.'
'Wacht u nu nog een kwartiertje, dan breng ik u thuis.'
'Graag, jongen...'
'Het regent...' zei Marianne, toen ze hen had uitgelaten en weer binnen kwam, half tegen zichzelf, half tegen Fransje, 'vanmorgen eerst sneeuw en nu weer regen... het is nu wel tien graden warmer, denk ik, grootvader mag zich wel in acht nemen,... al die overgangen.'
'Moek...' kwam Fransje ineens en Marianne zag in het warm blozende gezichtje de tintelklare ogen naar zich opgeheven... 'Moek, wanneer geven wij eens een dineetje?'
176