Uit het leven van een denkende vrouw

Titel
Uit het leven van een denkende vrouw

Jaar
1920

Druk
1985

Overig
herdr 1985

Pagina's
181



was er de hand naar uit te steken, haar tweede zich daarover als over iets onwaardigs en belachelijks te schamen, maar tenslotte zat ze toch weer met het boekje in haar handen. En nu ze, als ter zelfkwelling, die woorden weer las van tartende zelfverzekerdheid en ongegrond oordeel, nu hadden ze een gans andere uitwerking en maakten, onverwacht, een gevoel van fierheid en kracht in haar gaande, in de stelligheid, dat ze die man logenstraffen en beschamen zou, hem niet alleen, maar allen, de hele bende Uhlands en Ecksteins de spottende, honende, lasterende monden snoeren. En nu was er de lust in de komende avond weer en het vertrouwen dat ze hen allen tot haar eigen geestdrift opvoeren zou, en in haar eigen diep en puur geluk doen delen...

Buiten in donker duidden veelvuldiger lichten, hoog en laag, ineens een stampende en rumoerende fabriek, met hoge, zwarte schoorsteenpijp boven in helle schijnselen over een rommelig binnenplein wemelcnde mensen, vooral ook een rosse gloed verderop, al hoger klimmend uit de donkere horizont, de nadering van de stad. Onder snerpend jammer-gegil vloog een trein, in razende vaart uit donker opkomend als rakelings voorbij, stortte zich verder hetzelfde duister in, waaruit hij gekomen was. In zichzelf overleggend, verdeelde ze de tijd tussen aankomst en voordracht; nog eens alles van begin tot eind doornemen was eigenlijk wel niet nodig, maar toch altijd wenselijk, omdat, waar het ganse betoog in één leidende gedachte samenhing, aan de voordracht niets haperen mocht. Ook diende, wat het geheel door het ontbreken van het anekdotische en prettig-verhalende element aan 'luchtigheid' te kort kwam, door zeggingskracht, door haar vaste wil om mee te slepen en vast té houden te worden vergoed...

Maar daar was ineens de lange, hoge brug, die ze in haar herinnering niet had voorzien, doch nu wel herkende, en daar aan weerskanten, als waarschuwende ogen, de rode en groene lichten, aan onzichtbare palen in de lucht en nog vroeg ze zich af, of dit nu werkelijk al de stad van haar bestemming was, of de trein mikte duikend zichzelf de smalle stationskap binnen, laag en lang als de helft van een grote buis, en de plotseling gevangen geluiden, van alle kanten weerkaatsend, mengden zich in het

119

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.