Ze zocht, dociel, even in haar geheugen, wat van het vele verscheidene eerst te noemen, vergeefs zich afvragend op welke namen en titels hij mogelijk het gretigst wachtte -, maar dan ineens stond er iets in haar op en kantte zich tegen die nederige houding, het gevoel van haar eigen waarde en waardigheid.
'Dat zul je vanzelf wel merken als je mij de eer aandoet het boek te lezen. Je hoeft nu niet lang meer geduld te oefenen - het komt in 't vroege voorjaar al uit.'
Hij zag de gekrenktheid op haar gezicht, in haar ogen, hij wist onmiddellijk uit dat moment van zwakheid partij te trekken en zei met sarcastische stembuiging:
'O... pardon... als je het niet zeggen wilt dan moetje het voor je houden. Je schijnt anders niet te weten, dat zo iets een heel gewone vraag is onder vaklui, hoor!'
Hij keek op zijn horloge. 'Duivels, die trein is laat! Ik had er al moeten zijn. Ga jij nog ver?'
'Een groot uur nog,' loog ze, om haar werkelijk doel te verbergen, en ze schoof haar portefeuille nog verder onder zich weg.
De trein stond weer stil, hij boog zich naar het raampje.
'Zijn we er nu of stopt hij maar zo? 't Is net of we midden in het land staan.'
Ze drukte haar wang tegen het ruitje om zover mogelijk naar voren uit te zien.
'Neen, we zijn aan 't stationnetje. Ik zie de lichten en de lui stappen al uit. Deze wagen staat juist buiten het emplacement. Je mag wel oppassen, 't zal een hoge afstap zijn.'
Uhland was opgerezen, hij trok zijn vest neer, knoopte zijn jas toe en een voor een zijn benen optillend, schudde hij zijn opgesjorde broekspijpen naar omlaag, dan trok hij nog weer met de schouders, waar hem blijkbaar iets knelde, want zijn mond vertrok pijnlijk in 't ruige van zijn baard. Het was nu al bijna donker in het compartiment, hij boog zich naar de deurknop, maar juist in zijn hand werd die van buiten af omgedraaid, het portier schoot met een schok als uit de wand los naar buiten en van onder op naar omhoog werd de naam van het station uit een onzichtbare mond als naar binnen gegooid. Avonddamp woei in door de gapende, zwarte opening.
114