wel. Maar hij voelde zich al te onrustig, om kalm te zitten en te babbelen.
״Laat ik liever eens gauw terugkomen, 'k Wou wat vroeg gaan slapen, vanavond. Vanmiddag van de hitte den slaap niet kunnen vatten."
Hoe stil was de avond, een zoete reuk kwam hem tegemoet, terwijl hij langzaam de huistrappen afdaalde.
Zou die onrust al de komende weken duren? Ze zou waarschijnlijk stijgen, naar het eind. En dan, o dan, als dan maar niet uit die hooggespannen verwachting, alles tegenviel...
«85