daar rechtstreeks naar vroeg, ze mocht zelfs niet weten dat hij er aan had gedacht. Moest ze eigenlijk uit zichzelf niet begrijpen, dat een man meer van een vrouw wilde kennen, dan haar gezicht? Moest ze hem niet een portret zenden, waarop hij haar heelemaal kon zien, ook zonder dat hij ernaar vroeg ? Neen, ze zou het niet doen, argeloos als zij was, in de vaste meening dat ״portret" beteekende „gezicht" niet denkend in de richting die zijn gedachten maar al te gemakkelijk namen — mogelijk kreeg hij de volgende maand weer een portret met een hoog boord en alleen maar 't haar anders gekapt of zoo ... op een „pikant" of zelfs maar coquet portret van Truusje viel niet te rekenen, daar was ze te eenvoudig, te onschuldig toe... hij wist dit en wilde het, neen, hij verlangde niet dat Truusje zijn wensch in dat opzicht inwilligen of maar raden zou.
Waarom wilde een man, ook al beweerde hij zijn gansche leven het tegendeel, ook al had hij nooit om het tegendeel een vrouw veracht, — tot zijn eigen vrouw toch altijd het „onschuldige" meisje, — het meisje dat niet denkt in de richting waarin des mans gedachten maar al te licht verdwalen en dat zich nimmer geheel bewust van eigen verlangens is, zoo ze al verlangens gevoelt?
Begeerde hij nu waarlijk Truusje tot zijn
.103