ren, en dat ze bij elkander horen, zij, en die laffe, laaghartige... zij om haar ribbeltjeskousen, haar wel een beetje te lange jurk en haar hemelsblauwe handschoenen, en hij... omdat hij de Margarine-jongen is! Wat heeft mijnheer Boutelje in die tijd gezegd? De meisjes kijken ijdel naar haar vooruitgestoken benen, ze laten lachend, als was het een spelletje haar voeten op de hakken kantelen, punten neer en vaneen, punten op, naast elkaar... de glanzen op hun kousen glijden.
'Nu zal ik het allemaal nog eens duidelijk over zeggen.'
Gelukkig maar! Ze wil toch luisteren, ze moet toch leren, ze hoort er toch ook bij. Als ze eens... verzitten ging, op de leeggebleven stoel... die werd misschien niet eens met opzet leeggelaten. Maar het ogenblik is voorbij, mijnheer Boutelje gaat weer spreken. Dansen is een grote kunst, die maar weinig mensen goed verstaan... Er zijn allemaal verschillende dansen... er is een polka... polka mazurka-De kachel gromt... de lampen suizen, diep, diep in de spiegelende vloer steekt mijnheer Bouteljes hoofd, een vale plek... achter de donkere vakken van de gesloten gordijnen vaart toetend een boot in de duisternis voorbij, paardebellen tinken— ging het al langs of komt het pas nader? waar je ze hoort en al is het ook zomer, denk je aan sneeuw— maar nu ligt er wezenlijk sneeuw. Nu ben ik tussen het water waar in donker de boten varen en de sneeuwstraat waar de paarden gaan... hun adems aarzelen onder brandende lantaarns... ik
151