schilderijtjes, zes taferelen, die stelden dezelfde mensen voor. Je zag tenminste op alle zes hetzelfde huis en dat huis leek zo waarlijk... het leek zelfs wonderbaarlijk veel, met al die lange smalle ramen en die lange smalle deur, op het huis aan de Oostervaartweg, op het 'Huis 1775'! Als brede waaiers daalden van dat hooggelegen huis deftige bordessen neer in een diepe tuin, naar een ovale vijver... gevuld met water zó helder... dat de omgekeerde spiegelzwanen en de omgekeerde spiegelbomen bijna zo duidelijk als de echte schenen! Gearmd wandelden over de paden, rondom de vijver, of stonden er stil,-״dametjes en heertjes, wonderlijk gekleed. En van de dametjes piepten de gezichtjes, popjes-achtig fijn, popjesachtig glimlachend, tussen hoge kapsels en brede japonnen uit... en op het ene tafereeltje boog een heertje zo diep, dat zijn rug wel een tafeltje leek en de punten van zijn jasje recht naar achteren stonden... en op het andere tafereeltje leidde datzelfde heertje datzelfde dametje, zodat je ze dus Van achteren zag, naar een plek naast het huis, waar overhangen van wiegelende bomen, tussen bloemperken door, andere paren aan het dansen waren-en op nog weer een tafereeltje danste één enkel paar de ovale vijver in het ronde en tot helemaal boven op de bovenste trappen, ja tot in het huis aan de open vensters stonden heertjes en dametjes het gade te slaan, alle dames met dezelfde popjesgezichtjes, popjeslachjes, alle heertjes met de hand in de zij en het ene been vooruit.
Toen vroeg ineens juffrouw Geel of ze nu alles goed
131