op straat. Hij heeft zo weinig meer te doen sinds hij inwoont bij zijn zoon, hij doet maar een kuiertje en koopt eens wat vis. De kleermakerij heeft hij eraan gegeven, voor zijn drie zoons en hun gezinnen blijft hij natuurlijk alles zelf maken. Maar nu weet hij een goede!
Of Grootvader Rebbe Sander Schwartz heeft gekend, dat hoeft hij natuurlijk niet te vragen. Ook de tantes hebben wel over Rebbe Sander horen spreken. Immers de man die op alle vragen antwoord wist? Juist, dezelfde Rebbe Sander Schwartz. En die zo hoog in ere stond bij zijn kille? Dezelfde. En daar in die kille had nu de parnas eens een wij-goochem van een stuk neef over Jomtof te logeren gekregen, en die nam op zich om Rebbe Sander iets te vragen, waar hij geen antwoord op zou kunnen geven!
'En nu geef ik jullie in drieën te raden wat hij hem vraagt.'
Dat kunnen ze nog in honderden niet raden. 'Of Rebbe Sander een middel weet tegen de muizen! Moet je goed begrijpen: muizenlarwe heeft niet geholpen, in een val lopen verdraaien ze, en de kat kan ze niet krijgen. Geef ik jullie weer in drieën te raden, wat Rebbe Sander hem ten antwoord heeft gegeven.' Dat kunnen ze pas recht in honderden nog niet raden! 'Hij zal ze Aphi-komèn te eten geven!' Hij zal ze wat...? Neen maar, dat is een prachtig antwoord, om elke wij-goochem met de mond vol tanden te laten staan. Hij zal de muizen 'Aphi-komèn' te eten geven. En ze schatert het uit, omdat het antwoord
98