ineens de schriele beentjes in zuinig-strak zwart broekje, de voetjes in schoenen, die zwaar schenen van plompheid.
Apart met grootmoedertje, als kleine oude mensjes zij ook, bedaard, bedrentelden ze 't trottoir.
Snel stappend in de verte kwam nu 'n onderwijzeresje aan, 't gezicht licht aangerood van de nog vreemde, eerste echt-zomerse warmte, 't haar in de haast iets wanordelijk.
Helder onder 't gezond-volle, vrolijk jonge gezicht wat onbeduidend door een iets te ronde kin, was de gesteven witte blouse met hoge, rondom aandringende boord. Stoer-bruin uit de mouwen stevigden aan fors-blanke polsen de kleine ongehandschoende handen, jongens-onbezorgd slingerend langs de korte, donkere schoolrok, kaal en verkleurd onder de feestelijke blouse. Helder feestelijkte ook 't schaterend rode lint om 't goedkope matelootje.
Joelend vloog er een hele schaar kinderen op de juffrouw af. In hun schunnige zomerkleertjes, die uit te korte mouwtjes grauwvellige armen blootlieten en boven de lage halsboordjes groezige, vieze, haar-bepiekte nekjes vertoonden, leken ze een zwerm verplukte, verhavende vogeltjes, toch kirrend en blij in de morgen. Die er 't eerst waren, rappe lopertjes op de spichtige pootjes, klemden zich, kinderlief en innig van gebaar om de juffrouw heen, die luid lachte en spelend trachtte zich 't troepje van 't lijf te houden. Maar stevig grepen ze, wijd uit slaand magere armpjes met strek-gespreide vingertjes, 't hoofd klemmend tegen juffrouw's benen, of ze 'r helemaal omvatten wilden. De donkere rok, die 'r tegen kon, beplukten ze met groezele vingertjes en met de rondom-klittende kinderen werd 't lopen, 't benen-uitslaan onmogelijk. 't Helder witte blousebovenlijf alleen met 't blije hoedje stak boven de onverzorgde kopjes met ontkleurde mutsen en vale petten uit, als iets héél reins uit armoe-groezel. Maar vrolijk lachend liet ze zich door de joelende kinders, uitgelaten, naar de schooldeuren draagsle-pen, in 't voorbijgaan koddig-hulpeloos glimlachend tegen grootmoedertje, die eerbiedig, ook 'n ietsje oüw-wijfjes beschermend lachend, teruggroette.
122