de socialistische élite van de andere landen, toevoer van nieuwe geestelijke en materiële krachten krijgen.
Maar ook in de niet-fascistische landen bestaat het probleem der socialistische élite. Het neemt hier echter geheel andere vormen aan en het vraagt dus om een afzonderlijke behandeling. Doch als we hiertoe overgaan, zal men zien, dat, hoe zeer ook vormen en toestanden in onze landen anders zijn dan in Italië, toch een aantal grondwaarheden waarop Silone de nadruk legde, ook voor ons gelden.
„Brood en Wijn” geeft antwoord op een aantal vragen die ook wij ons, voor ons zelf, stellen. En waar het geen antwoord geeft, daar zet het ons toch in ieder geval aan het denken. Daarom is Silone’s boek niet slechts een bijzondere roman, het is ook een politieke daad van betekenis. En daarvoor moeten wij hem dankbaar zijn.
II
WAT IN DEMOCRATISCHE LANDEN KAN EN MOETHet probleem van de socialistische élite is in de democratische landen, in de landen der burgerlijke cultuur, gecompliceerd doordat ' we niet alleen met de élite te maken hebben, doch ook met een socialistische massa. En bovendien met de mogelijkheid en dus de noodzakelijkheid van het voeren ener socialistische politiek, wat weer in zich sluit; het ontstaan en voortbestaan van een vaste relatie tussen élite en massa.
De zaak zou echter niet zo geweldig moeilijk zijn, als ze in werkelijkheid is, indien men van de kant van de élite de moed had openlijk en duidelijk uit te spreken dat er een probleem bestaat, dat er een élite is, of behoort te zijn, en dat er tevens een massa is, die we eigenlijk alleen dan socialistisch mogen noemen, als we geen ogenblik uit het oog verliezen dat „socialistisch” bij de massa, iets totaal anders betekent dan bij de élite.
In werkelijkheid is de massa niet socialistisch, doch alleen maar — in de gunstige omstandigheden — met het socialisme verbonden, doordat ze de leiding van een socialistische élite aanvaard heeft, vertrouwen stelt in de personen die tot die élite behoren, en de gedragingen dier leiders imiteert en tot haar „ideaal” maakt. Ze neemt op die wijze iets van de levenshouding dier leiders over, doch meestal slechts de uiterlijke kant er van, en die dan nog op haar eigen manier geïnterpreteerd. Daar waar die leiders „massa”
248