Verdediging van het Westen

Titel
Verdediging van het Westen

Jaar
1947

Pagina's
298



is van belang; de rest kan en moet men, als men enig gevoel voor humor heeft, aan allen die menen dat er zo’n „rest” is, gratis cadeau geven.

Die „dialectiek” echter is een ernstigere zaak. Want hierbij gaat het In wezen om de vraag of we de wereldraadselen opgclost hebben of niet.

Wie beweert dat hij weet, wat de grondwet van alle ontwikkeling is, verklaart daarmee de sleutel van het heelal in handen te hebben. En alles wat nog te weten overblijft is voor dezulken — om een uitdrukking te nemen, door Marx in een heel ander verband gebruikt — „laf, als een raadseltje, waarvan de oplossing van te voren gegeven is”. Een marxist die op het standpunt van het dialectisch materialisme staat behoeft nog slechts feiten-materiaal aan te slepen — de interpretatie er van, baart hem niet de minste zorg, hij weet voor cens en voor al hoe het verhaaltje afloopt. Met de wetenschappelijke wereld-opvatting die ook achter de monumen-taalste zekerheden een „vermoedelijk” zet, en die ieder „vaststaand oordeel” als „voor verandering vatbaar” beschouwt, om verder de totale wijsheid van een paar duizend jaar worsteling met de barbaarsheid als een reeks van heel voorlopige en wrakke hypothesen te beschouwen en te erkennen dat slechts een mensheid bevrijd van onze minderwaardige ruzies om een stuk brood tot een ernstige collectieve organisatie van de verovering der wijsheid kan komen, met die werkelijk wetenschappelijke en socialistische wereldbeschouwing, heeft de parmantige bewering van Hegcl-Marx dat zij weten hoe alles zich beweegt niets gemeen.

Dat de Hcgclarij een speciale vorm van theologie is, ligt zó voor de hand dat Marx en Engels het herhaaldelijk hebben uitgesproken. Maar het kernstuk van die theologie is niet, zoals Marx meende, de Idee, de Rede — het kernstuk is de methode, de dialectiek. Wie die aanvaardt, heeft het theologisch denken, dat hij meende kwijt te zijn, tot het hart en de bloedsomloop van z’n eigen denken gemaakt.

Men kan natuurlijk de dialectiek zó verwateren, dat ze onschadelijk wordt en Marx en Engels en hun beste navolgers hebben dat bij gelegenheid ook gedaan.

Van tijd tot tijd kan men bij de „marxisten” opvattingen over dialectiek vinden die om zo te zeggen, geen kip kwaad doen. Men vindt dan bij Engels de opvatting dat het kenmerk van de dialectiek zou bestaan in het bewegen der dingen, in de onmogelijkheid om vaste en blijvende grenzen aan te geven, maar dat is geen dialectiek, dat is een dynamische opvatting der dingen; de dialectiek

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.