Verdediging van het Westen

Titel
Verdediging van het Westen

Jaar
1947

Pagina's
298



En het kwam, onze dagbladen begonnen niet slechts onmiddellijk „het boek” te bespreken (sommige kranten gaven zes of zeven vervolgartikelen vol bewondering), maar ook in de „oorspronkelijke” beschouwingen onzer journalisten ging het wemelen van citaten uit Huizinga. De redenaar voelde zich verplicht een paar Huizingaatjes in zijn speech te verwerken, en zelfs hel gemiddelde lid der Tweede Kamer vond gelegenheid te laten merken dat-ie cultureel „bij” was en zijn Huizinga kende. Het was alleen moeilijk in die uitvoerige besprekingen en van respect getuigende citaten af te leiden waarin nu eigenlijk het bijzondere van het boek lag. Dus moest men het lezen, om tot de conclusie te komen dat het bijzondere van het boek juist hierin bestaat dat het niets bijzonders is.

„Niets bijzonders”, dat wil niet zeggen slecht of boosaardig, het wil ook niet zeggen zonder ware en juiste opmerkingen, — integendeel, het is een boek vol waarheden en de schrijver heeft het bijna altijd bij het juiste eind. Als het dan toch niets bijzonders is, dan wil dat zeggen; de waarheden zijn waarheden als koeien, en de juiste opmerkingen zijn afgesleten gemeenplaatsen. Wat Eluizinga thans zegt, dat hebben al onze fatsoenlijke journalisten reeds tot in het oneindige herhaald en onze vrijzinnige dominees zullen vol verbazing ontdekt hebben dat ze reeds lang Huizingaas spraken zonder het te vermoeden. Dat al die banaliteiten thans in één boek bij elkaar gebracht zijn, dat verklaart de populariteit van dit geschrift. Men kan het niet lezen zonder meteen honderden koppen te zien die over het boek gebogen zitten met een welzalige glimlach om de lippen; o zo, precies wat ik altijd zeg, juist wat ik zo vaak gedacht heb, gelukkig dat een autoriteit hel nu eens komt bevestigen.

Maar welk bezwaar kan men dan hebben tegen een fatsoenlijk boek dat de mening van vele fatsoenlijke lieden samenvat? Is dan niet thans, nu de beschaving door de aanvallen van wilde beesten bedreigd wordt, ieder pleidooi voor het fatsoen een daad en een winst en moeten wij niet gelukkig zijn als een man als Huizinga zich tegenover de verwilderden plaatst? Moeten wc dan niet liever, inplaats van naar afwijkingen en verschillen te zoeken, letten op wat ons verenigt, en moeten wc het niet toejuichen dat we een bondgenoot hebben gekregen in de strijd tegen het fascisme?

Wc hebben hier het criterium aangegeven: „bondgenoot in de strijd tegen het fascisme”, — maar is Huizinga dat en zal zijn geschrift de geesten bereid maken om het fascisme te weerstaan?

Het fascisme is een actieve, een dynamische kracht, — het kan

Verdediging van het Westen 8

113

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.