‘Maar er zijn toch ook combinaties die wereldmachten zijn geworden, Mare?’
‘Dat is heel erg. Wereldmachten. Debbie, Salomon heeft me eens gezegd: We leven te midden van benden. Ik geloof dat hij een beetje gelijk heeft. Ik zou niet graag de grote bazen van vele grote combinaties willen doorlichten. Kind, wat zouden we schrikken van hun mentaliteit.’
‘Ik wantrouw iedere streber. Hij wil vet leven ten koste van anderen. Ik begrijp daarom ook niet waarom de socialisten zich niet verzetten tegen de vorming van mammoetgroepen.’
‘Hebben jij en Salomon daarom Koerlander en Liep-mann niet willen samenvoegen?’
‘Niet alleen daarom. Chaim moet een zelfstandige hardwerkende kerel worden. De Liepmannetjes ook. Ik zal misschien nog meer kleine bedrijven kopen, samen met Salomon. Maar ze blijven zelfstandig om het principe: de zelfstandige kundige ondernemer, die z’n best doet en een risico niet schuwt.’
‘Ik begrijp het, Mare. Voel je je nog fit genoeg om te kunnen leiden?’
‘Ja, Debbie, als de jongens willen beseffen dat zakenervaring niet te koop is, maar verworven moet worden, zal ik het niet zo moeilijk hebben. Er komt een zware tijd, Debbie. Ik wacht hem op. Gelaarsd en gespoord.’
‘Ik sta naast je, Mare.’
‘Kind, dat weet ik al jaren. Gezegend zij de dag dat ik je ontmoette.’
Ze stond plotseling op. Rende de kamer uit, de handen voor de ogen.
Ik zat even alleen aan onze vrijdagavondtafel. Keek
284