Ze leken twee heel oude mensen, Joseph en Dina, zoals ze naast elkaar ineengedoken zaten en elkaar alleen de steun konden geven van lichamelijke nabijheid. Ze keken op in Chaia’s verbijsterd gezicht, Chaia, die het hun had moeten zeggen en niet verder had gestameld dan „Michaël..
Toen Chaia weggevlucht was, omdat ze hun niet anders te geven had dan haar jonge, gezonde aanwezigheid en de tranen, die over haar gezicht stroomden, bleven ze samen achter, dof, zonder woorden, zonder tranen. De genade van tranen wordt alleen gegeven, als de genade der verdoving heeft opgehouden, - wordt alleen gegeven aan de heel jonge mens, voor wie de in hemzelf besloten bron eerder te bereiken is. Ze droomden samen een boze droom, en wisten van elkaar, dat ze hetzelfde droomden, - en dat het waar was.
Tot in Joseph iets wakker werd, - misschien de arts, - misschien de vader.
„Ik moet Tamar zoeken.”
Het was het eerste woord, dat de muren van hun kamer hoorden na Chaia’s bijna onhoorbare „Michaël ...” Het kaatste vreemd tegen de lage zoldering, bereikte dan Dina, die knikte.
Het was in de vroege morgen; Chaia had hen nog in hun kamer getroffen vóór het werk, want de makkers hadden hem in de ochtendschemering gevonden. Joseph trad naar buiten en ging naar de hut, die
213