Telkens als hij de naam van de baron noemde, maakte de man een beweging van op willen staan uit zijn stoel. Voor Zamarin, dat naar de vader van de baron, James de Rothschild, Zichron Jaakov werd genoemd, Herinnering aan Jaakov, was de baron een heilige geworden; hij had, met helder inzicht, geld geïnvesteerd in de ontwikkeling van de nederzetting als landbouwcentrum, en vooral de wijnbouw en daarna de wijnkelders hadden Zichron Jaakov welvarend gemaakt. De kinderen van toen, nu volwassen, hadden de nood niet gekend, noch de blinde drang, die de ouders hierheen had gevoerd.
De oude man kon dit onbeluisterd zeggen, want de jongere mensen hadden zich al lang afgewend: ze kenden het verhaal van buiten en de welvaart van nu maakte hen niet bar nieuwsgierig meer naar de nood van toen. Het was alleen leerrijk voor de dokter, die goud kon verdienen als hij wou, en het blijkbaar niet wou.
Die dokter zelf zat stil voor zich heen na te denken, toen de oude man klaar was met vertellen. Ergens was een fout in deze geschiedenis: het mocht niet gebeuren, dat één rijk man een gemeenschap van ondergang redde, en daardoor de koning werd van deze hele streek, een koning met onbeperkte zeggenschap, die ambtenaren kon aanstellen en ontslaan en naar wiens gunst voortdurend gedongen werd. Het mocht niet gebeuren, dat het onzelfzuchtig streven, 132