De koopbrief

Titel
De koopbrief

Jaar
1953

Druk
1960

Overig
2ed

Pagina's
216



hen hun land hadden verlaten om hierheen te komen: ze hadden geen brood meer om te eten, en de Baron heeft ze net op het laatste ogenblik gered.”

Joseph zat stil naast zijn buurman, voorzover hij stil kon zitten in een wagen, die wild geschokt werd over stenen en kluiten; een weg was er al lang niet meer. Een weg was er alleen geweest in het begin van deze tocht, die in de donkere morgenuren begonnen was en waarschijnlijk in de donkere avonduren in Zichron Jaakov zou eindigen. Hij dacht door over deze Joden, die naar een onbekend land waren gedreven door een drang, die vele verbannen geslachten aan hen hadden doorgegeven. Hadden ze die drang begrepen? Ze hadden er in elk geval niets van kunnen ingieten aan deze zoon, die in het land van hun heimwee was opgegroeid. Eerbied was er alleen in de stem van die zoon geweest, toen hij sprak over de Baron, hun redder, en niet toen hij sprak over zijn ouders, die hij duidelijk als dwazen zag.

„Ik zal je wat zeggen,” kwam de stem naast hem. „Als ’t wat meeloopt, zijn we vanavond in Zichron. Je kunt dan toch niet verder, dus je overnacht bij ons. Dan zal mijn vader je zo ’t één en ander vertellen, en dan zul je de buik wel vol hebben van die nieuwlichterij, die het zonder de hulp van een Baron wil stellen.” „Maar ik was van plan, in één door te reizen,” zei Joseph. „Ik heb vrouw en kinderen in Jeruzalem, en ik wil zo gauw mogelijk bij ze terug zijn.”

125

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.