bij hen aanwezig was om er iets van toe te passen, toen wist hij, dat niet in deze stad zijn einddoel lag.
Hij kwam die dag thuis van een kind, dat gestorven was en waar hij pas bij was geroepen, toen zijn hulp al nutteloos was.
„Ik doe het niet langer,” zei hij, mistroostig. „Daarvoor zijn we niet hierheen gekomen. Dit is geen opbouwen. Hiermee maak ik het land niet klaar voor die later komen.”
Ze spraken er over tot diep in de nacht, en aan het eind wisten ze, dat Joseph alleen zou gaan zoeken naar de plek, waar hun toekomst lag: zoeken en zwerven konden ze niet samen met de kinderen, dus Dina zou hier wachten tot hij het gevonden had en hen kwam halen.
„Ik laat al ons geld hier,” zei hij. „Ik red het onderweg wel, en jij zult het moeilijk genoeg hebben, met de kinderen alleen.”
O ja, ze wist wel, dat ze het moeilijk genoeg zou hebben, maar in haar hart wist ze, dat ze naar dit besluit had verlangd: niet veel langer had ze de kinderen dit besloten en ongezonde leven kunnen laten leven, en niet veel langer had ze Joseph zo neergedrukt van zijn werk kunnen zien thuiskomen.
„Misschien vind je wel gauw wat je zoekt,” zuchtte ze.
„Ik ga naar het noorden,” zei Joseph. „Daar zijn een paar van die nederzettingen, waar allen samen-108