90
tanjes wou hebben om ze aan een touwtje te rijgen en in de Soeko op te hangen, als een mooie, bruine slinger.
Wacht, hij zou Vader eens helpen. En hij stopte zijn zakken vol kastanjes, en zijn schort ook.
,,Ik heb kastanjes in mijn buik,” zei hij, toen hij weer de Soeko binnenstapte.
״O!” zei Moeder, ״doet dat geen pijn? Heb je ze wel goed gekauwd?”
״Nee!” lachte Jaap.
״Verschrikkelijk!” zei Moeder. ״Heb je geen erge buikpijn?"
״Nee!” riep Jaap, en meteen liet hij alle kastanjes over den grond rollen.
״Hè, gelukkig,” zei Moeder, ״nou zijn ze er weer uit.”
Toen ging Moeder weer door met het versieren van de Soeko. Wat werd die mooi! Die gekleurde doeken met allemaal mooie figuren, — die oude, gedroogde loelov-takken, — dat groen, — die waaiertjes ertusschen, — Eva vond het ieder jaar weer mooier.
Daar kwam Vader binnen. Wat had hij in zijn handen ?