vakantie had gehad, zijns weegs; sommigen samen, sommigen een eind samen op weg.
Tirtsa reisde van huis tot Tel Aviv samen met een heel stelletje. Ze pakten een pracht-tramp op een vrachtauto, en tussen de balen en kisten hadden ze verschrikkelijk veel plezier. Na Tel Aviv was zij de enige, die naar Jeruzalem reisde. Het was niet zo eenvoudig, naar Jeruzalem te reizen, zeker niet op de dag na een feestdag, als voor 't eerst weer het verkeer werd voortgezet en de mensen van het verblijf op de feestdag naar hun huis terugkeerden. Zo heel veel keren per dag werd er na de oorlog nog niet naar Jeruzalem gereisd, want de vroegere weg was onveilig en voor een groot deel buiten gebruik, en de nieuw-aangelegde weg was moeilijk te berijden en langer dan de normale. Toen Tirtsa de straten-lange rij zag van mensen, die alleen maar een bus-kaartje wilden kopen en nog helemaal niet voor een plaats in een bus in aanmerking kwamen, sloeg de schrik haar om het hart: vandaag zou ze zeker niet aan de beurt komen.
„Kom, kom,” zeiden de mensen vóór haar, „een jong ding als jij kan best met een vrachtauto trampen.”
Ze legden haar uit, waar ze moest gaan staan om het meeste verkeer naar Jeruzalem langs te zien gaan. Daar stonden ook drommen, maar af en toe kwam er een vrachtauto langs met veel plaats, en die nam dan een heel troepje mee. Na twee uur lukte het Tirtsa al, met een tender mee te rijden; het was enorm gauw, want ze had verhalen gehoord van bijna een hele dag wachten.
Tot Rechovot, waar je vroeger nooit langs kwam als je naar Jeruzalem reisde, was het een gewone, gebaande weg, waar alleen ruïnen aan weerskanten aan de oorlog herinnerden. Toen begon de bochtige, smalle en heel voorlopige weg, die was aangelegd om Jeruzalem ondanks alles te kunnen bereiken, toen het van de wereld was afgesloten. Die weg had Jeruzalem in leven gehouden. Nee, — eigenlijk niet eens deze weg. Ze kwamen voorbij de ingang van een pad, dat de naam „weg” niet eens verdiende. Dat pad was dwars door de bergen aangelegd, het spoor volgend van een auto, die zich een keer in veiligheid had moeten brengen voor
137